Ga verder naar de inhoud

In de wandelgangen met Walter Steenhoudt, architect van ons cultuurcentrum

Een gesprek met Walter Steenhoudt, architect van Cc Strombeek

Walter Steenhoudt


In 2023 mag Cc Strombeek 50 kaarsjes uitblazen. Dat wordt sowieso een reden om uitgebreid te vieren en terug te blikken op een halve eeuw gevuld met muziek, theater, dans, beeldende kunst, film en zoveel meer. Net zoals het cultuurcentrum is ook het gebouw bijna een halve eeuw een ijkpunt in Strombeek. De architect die in 1967 de eerste pennentrekken zette om het gebouw te ontwerpen, is Walter Steenhoudt. Wij nodigden hem uit om een hernieuwde blik te werpen op het cultuurcentrum.

De eerste plannen en ideeën waren er dus al in 1967, zes jaar voor de feitelijk opening van het gebouw. In die periode werden 12 nieuwe cultuurcentra gebouwd in Vlaanderen door middel van een doorgedreven subsidiebeleid. De bedoeling was om in die centra het gemeenschapsleven aan te moedigen en in de Vlaamse rand zag men deze sociale cohesie tevens als een mogelijke buffer tegen de oprukkende verfransing uit Brussel. Het cultuurcentrum van Strombeek had als taak de Nederlandse taal te promoten bovenop de sociale en culturele rol die het te spelen had. Wanneer we met Walter die allereerste plannen uitrollen op tafel, vallen de puristische trekken van die tijd meteen op. Kultuurcentrum werd toen gespeld met een k in plaats van een c.

"Ik herinner me nog de opening van het gebouw," vertelt Walter, "We hadden hard gewerkt om er een stijlvol en karakteristiek gebouw van te maken, waar toch iedereen over de vloer kon komen. Ik zat toen naast burgemeester Soens aan de toog die zeer in zijn nopjes was, maar me ook onthulde dat hij het gebouw persoonlijk erg lelijk vond." Een anekdote waar Walter jaren later nog hartelijk om kan lachen.

Beton versus baksteen

Zowel aan de binnen- als de buitenkant van het gebouw kan je de signatuur van Walter Steenhoudt herkennen. Hij wordt meestal bestempeld als een brutalistisch architect, maar zegt zelf dit ontwerp niet brutalistisch te noemen. "Het gebouw is te zacht," zegt hij. "Door zijn grootte zondert het zich af van zijn omgeving, maar niet door de materiaalkeuze of bewerking. We wilden een gebouw dat op natuurlijke wijze aansloot bij zijn omgeving." Een reden waarom de nieuwe oranje verpakking van de toren volgens hem niet past. "De kleur heeft geen betekenis en brengt geen interactie teweeg met de omgeving. Integendeel, het zet zich af tegen de achtergrond. Dat is nu net wat we niet beoogden." Eén van de stijlkenmerken waarvoor Steenhoudt bekend is, het contrasterende gebruik van baksteen en beton, gaat hierdoor voor een deel verloren. De buitentrap in beton werd gesupprimeerd bij de renovatie. "Die buitentrap was bedoeld als een echo van vergelijkbare monumentale trappen aan oude stadhuizen. In de beginjaren huisde het gemeentebestuur in de toren en wie hier trouwde kon dan in vol ornaat de trap afdalen na de ceremonie. Het ideale moment en de perfecte plek voor een foto."

De noodzaak tot renovatie viel echter niet te ontkennen een decennium geleden. Het torengebouw had last van vochtinsijpeling. Een betere isolatie drong zich op. Er was nood aan een kleedkamer bij de danszaal en men wou ook de overlast aan de buitentrap aanpakken. Allemaal problemen die men in één beweging wou oplossen door een grondige en ingrijpende opknapbeurt van de toren.

De kleur en het materiaal van de toren zijn volgens Walter geen ideale keuze, maar hij is wel aangenaam verrast dat de vele functies van de ruimtes nog bijna volledig behouden zijn zoveel jaren na de bouw. De foyer, de exporuimte, de schouwburg, de danszaal, het kleuteratelier en de bibliotheek zijn tot op heden nog allemaal in gebruik zoals ze oorspronkelijk waren bedoeld. Ze overleefden de tand des tijds net omdat ze zo functioneel zijn en omdat er destijds grondig werd nagedacht over hoe men alle verschillende activiteiten in het gebouw met elkaar kon verzoenen.


Revolverschoten in de schouwburg

Walter Steenhoudt
Walter Steenhoudt



De schouwburg blijft natuurlijk het paradepaardje van het Cc. Zoals overal in het gebouw zijn het geen overdadige ornamenten die de zaal sieren, maar de doordachte keuzes in materiaal en indeling die niet enkel esthetisch bedoeld zijn, maar ook de beleving en de akoestiek ten goede komen. Walter herinnert zich nog de grote zorg die besteed werd aan akoestiek. Nederlandse specialisten werden erbij geroepen om de ideale hoek van de houten geluidspanelen te berekenen. Om dit te testen werden revolverschoten gelost om onder meer de nagalm te meten. Bij menig geluidstechnicus, artiest en boeker staat Cc Strombeek dan ook te boek als een excellente zaal.

Een stijlkenmerk aan de bühne van de schouwburg, maar dat ook terugkeert doorheen het hele gebouw, zijn de afgeronde hoeken. Alle ramen van het foyer hebben ook deze kenmerkende rondingen, en we stelden Walter de vraag of het de bedoeling was om de illusie van een filmrol te creëren. Hij ontkent, maar vindt het weliswaar een leuk idee dat het gebouw gelezen kan worden als een film.

Het tekent ook zijn eigen houding tegenover architectuur. Meermaals tijdens ons gesprek benadrukt hij dat je als architect een gebouw moet loslaten eens het er staat. Vanaf dan heeft het zijn eigen leven te leiden. Soms een florissant leven met veel omzwervingen, soms wordt een gebouw ziek. Zo was er in de jaren 70 nog geen sprake van energiezuinig bouwen en vindt hij het niet verwonderlijk dat de nodige aanpassingen zijn gedaan om dit cultuurhuis een lange toekomst te garanderen.


Toekomstmuziek


Een volgende horde in de nabije toekomst van het gebouw is de nakende verhuis van de bibliotheek naar het centrum van Grimbergen. Een deel van het gebouw zal dus over een tweetal jaren een nieuwe bestemming moeten krijgen. De boeken en letteren vormden al jaar en dag een deel van het geheel en zullen dus zeker gemist worden. Het brengt die aloude vraag terug naar boven: wat is de rol van het cultuurcentrum op sociaal, cultureel en gemeenschapsvlak?

Walter Steenhoudts gebouw staat er in elk geval nog en door de openheid van de benedenverdieping met de grote ramenpartij aan de foyer biedt het talloze mogelijkheden. Opportuniteiten waar in het verleden al goed gebruik van werd gemaakt en die in de toekomst opnieuw kansen zullen creëren om een brede invulling te geven aan het gebouw.