Artistiek leider Frans Van der Aa (62) heeft dit jaar veel te vieren met zijn 4Hoog. 20 jaar geleden was het gezelschap uit Gent een pionier in kwaliteitsvol kleuter- en kindertheater, vandaag is het een vaste waarde, zonder meer. De focus en de gedrevenheid zijn gebleven: “Iedereen heeft recht op schoonheid en ontroering. Hoe jonger je daarmee start, hoe rijker je leven wordt.”

Het Gentse gezelschap 4Hoog werd in 1997 opgericht door theaterwetenschapper Caroline Lanoye en regisseur Raf Walschaerts (Kommil Foo). Sinds 2001 is Frans Van der Aa artistiek leider, maar ook regisseur, coach en acteur. “Ik kon evengoed met andere dingen bezig zijn, maar ik heb voor kindertheater gekozen. Daar ben ik nog altijd heel blij mee, omdat ik het zo graag doe en omdat het veel zin geeft aan mijn leven.” Stap mee in de wondere wereld van Frans Van der Aa en 4Hoog - en kom vooral ook meevieren op 23 december in Cc Strombeek tijdens 4 viert 20.


Het geheim van 20 jaar 4Hoog

Van der Aa: “We hebben geen geheim. Maar er bestaat wel zoiets als een eigen 4Hoog receptuur, zoals een kok ook zijn bereidingswijze heeft. Ik zie het als een metier. Tegelijk moet je ook heel vrij kunnen denken, en open en creatief blijven. We hebben zeker onze pijlers, die we boeiend en belangrijk vinden, en die je doorheen al onze voorstellingen ziet terugkeren.”  

“Onze voorstellingen moeten voldoende herkenning opwekken, maar ze mogen niet 100 procent herkenbaar zijn. Het mag niet puur ontspanning zijn. We zoeken telkens naar de juiste verhouding tussen ontspanning en inspanning. Dat heeft alles te maken met poëzie en ontroering. Elk kind heeft recht op esthetiek en ontroering, in het voelen van de binnenkant.”

"De meeste mensen maken bijna geen tijd meer voor hun binnenkant. Maar in stilte zit ook groei."

“De meeste mensen maken bijna geen tijd meer voor hun binnenkant. Maar in stilte zit ook groei, en niet alleen in spielerei en al het uiterlijke. Toen we met Wanikan naar Japan trokken, zijn we echt geschrokken van de reacties. In die voorstelling wordt niet gesproken. We merkten dat het verhaal en de manier van spelen heel erg binnenkwamen bij die kinderen. Ze waren duidelijk geraakt omdat ze dat soort theater niet kenden. Het doet deugd als je hen zo’n ervaring kunt geven die blijft hangen, en waar ze nog lang aan zullen terugdenken.”


“Perfectionisme is nodig als je voor kinderen werkt. Een kind gaat geen vijf minuten wachten als het even wat minder interessant is. Dat draait zich om en is weg”

Niet te serieus graag

Van der Aa: “Humor is uiteraard ook belangrijk en helpt om alles te verwerken en duidelijker te maken. Zeker kleuters kunnen veel dingen nog niet plaatsen. Humor helpt hen dan en zorgt ervoor dat ze niet blokkeren. Ik hou ook heel erg van surrealisme, het maakt alles interessanter. En dat is belangrijk, want een mensenleven is op veel momenten totaal niet interessant. Bij een kind zitten surrealisme en realiteit sowieso heel dicht bij elkaar. Het ene moment zit het nog in de realiteit, meteen daarna in de surrealiteit. Dat wisselt constant, en daar spelen we graag op in. Er gaat bij ons altijd veel aandacht naar de afwerking van producties. Steeds het onderste uit de kan willen halen: dat is mijn aard, ik ben zo geboren. Maar dat perfectionisme is ook nodig als je voor kinderen werkt. Zeker kleuters kunnen zelf maar weinig linken maken in een verhaal. Daarom moet je elk moment in een voorstelling belangrijk maken. Een kind gaat geen vijf minuten wachten als het even wat minder interessant is. Dat draait zich om en is weg (lacht).”

“Het gaat in het leven niet alleen over kennis verwerven, maar ook over hoe je in de wereld staat. Het is aan ons volwassenen om dat te sturen”

Vul een kinderhand niet met om het even wat

Van der Aa: “We maken altijd gelaagde voorstellingen. Omdat een kind rijker uit een voorstelling moet komen dan het de zaal is binnengegaan. Als het alleen maar dingen ziet dat het al kent en weet, dan is theater volgens mij te mager. Een kinderhand is inderdaad gauw gevuld. Maar dat betekent niet dat je die hand met om het even wat moet vullen.”

“Ik ben zelf nogal een ambetante estheet. Ik heb veel ongenoegen over onze beschaving. Als ik de kranten lees en het nieuws volg, dan vraag ik me toch wel heel vaak af: wat voor een denkend wezen zijn wij eigenlijk? Daar zie ik ook een taak voor theater. Want het gaat in het leven niet alleen over kennis verwerven, maar ook over hoe je in de wereld staat. Het is aan ons volwassenen om dat te sturen, een kind kan dat nog niet. Dat is een fantastische taak en dat houdt het kind in mij ook wakker.”

“Ik voel me bevoorrecht. Ik sta een beetje aan de kant en heb een kritische blik voor mijzelf en de maatschappij. Dat is goed, want dat doet je nadenken. Eigenlijk is heel mijn leven een onderzoek. Dat is heel intens, maar ik zou het niet anders willen. Ik kan niet ergens vrijblijvend zitten, ben altijd alert of ik iets al dan niet kan gebruiken in een voorstelling. Wat het dan weer niet evident maakt om rust te vinden, natuurlijk.”

“Toen ik twaalf was, kende ik de Ouverture 1812 van Tsjaikovski helemaal uit het hoofd. Als ik alleen thuis was, ging ik op de poef in de living staan en dirigeerde ik het hele stuk”

Dirigent van 12 jaar

Van der Aa: “Ik was als kind een heel frêle manneke. Toen ik pas geboren was, paste ik in de koffiepot, vertelde mijn moeder. We waren thuis met zes kinderen. Ik was al vroeg veel bezig met kleuren en schilderen, soms tot ’s avonds laat aan de keukentafel. Ik ben heel jong begonnen met muziek. Op mijn tiende speelde ik al in de fanfare. Ik had een bugel, die was groter dan mezelf. Ik wou ook heel graag een piano. Maar mijn moeder zei: ‘Dat zal niet gaan Frans, het staat hier al vol genoeg.’ Ik keek eens rond en effectief: er kon echt geen piano meer bij (lacht).”

“Misschien was ik ooit wel dirigent geworden, als het dit niet was geweest. Op mijn twaalfde dirigeerde ik al, fictief dan. Ik kende de Ouverture 1812 van Tsjaikovski helemaal uit het hoofd en ik kende de bezetting van een klassiek symfonisch orkest. Als ik alleen thuis was, haalde ik de wilgentak boven die ik verstopt had en ging ik op de grote poef in de living staan. Ik zette de plaat op en dirigeerde heel het stuk. Als het gedaan was draaide ik mij om en maakte ik een diepe buiging. Dat was heel heftig hoor, ik ging daar compleet in op. Terwijl het uiteraard Karajan was die dirigeerde. Ik zou je trouwens nog altijd kunnen zeggen wie welk instrument bespeelt in de Ouverture 1812 en wie wanneer invalt (glimlacht).”

 

Muziek is er altijd

Van der Aa: “Muziek is en blijft heel belangrijk voor mij. Ik heb veel instrumenten thuis en die liggen altijd open in hun koffer, klaar om even vast te houden en kort erop te spelen. Verder gaat het meestal niet. Op WOTH, de plaat van mijn dochter Liesa (uit 2014) speel ik wel dwarsfluit.”

“Ik was graag een goede jazzmuzikant geweest. Ik kan blijven luisteren naar mensen zoals Bert Joris en Philippe Catherine. Als ik trompet speel is dat wel leuk, maar als ik dan Sam Vloemans bezig zie! Ik benijd dat niet, maar ik besef wel dat het niet voor mij is. Ook in onze voorstellingen gebruik ik graag klassieke muziek. Omwille van het puur muzikale, omdatmuziek zo snel ontroert en meteen naar het hart en de ziel gaat. En dan zie je dat dat overal werkt, tot in Japan.”

 

Alles verandert

Van der Aa: “Er is in 20 jaar veel veranderd, ook bij ons publiek. Kinderen zijn uiteraard veel mondiger geworden. Vroeger was het vaak: zwijgen en luisteren. Kinderen konden zich niet altijd uiten. Het is goed dat ze nu alles mogen zeggen en een eigen mening mogen hebben. Maar dat heeft ook een keerzijde. Kinderen luisteren vaak minder omdat ze meteen reageren op wat ze zien en horen. Terwijl je af en toe ook best eens nadenkt, voor je op iets reageert. Maar wij gaan daardoor niet anders spelen dan vroeger. We steken nog steeds zoveel mogelijk lagen in onze voorstellingen, en hopen dat ze daar na de voorstelling nog verder over gaan nadenken.”

"De kleur van Zwarte Piet is een thema van volwassenen. Kleuters en jonge kinderen staan daar niet bij stil en maken daar ook geen probleem van”

Dag Sinterklaas

Van der Aa: “Dag Sinterklaas is ondertussen 25 jaar oud. Het draagt de elementen in zich die we bij 4Hoog zo belangrijk vinden. Hugo Matthysen werkt ook graag met humor en surrealiteit. Er komen heel universele waarden aan bod waar kinderen en volwassenen zich kunnen in vinden. Het is ontwapenend, maar toch krijg je er iets in mee.”

“We hadden destijds al wel het gevoel dat we iets aan het maken waren dat lang zou kunnen doorgaan. Het enige wat veranderd is, is de manier waarop mijn rol, die van Zwarte Piet, mag getoond worden. In de langspeelfilm Ay Ramon! (uit 2015) hebben we dat veranderd. Eerlijk gezegd? Dat was een minuut werk. Zwarte Piet is op een bepaald moment nerveus. Hij zegt: ‘Ik ben iets vergeten. Ik ben mijn zwarte verf vergeten.’ Waarop de Sint (rol van Jan Decleir) zegt: ‘Gebruik jij zwarte verf?’. Waarop Zwarte Piet zegt: ‘Ik ben zwart omdat ik door de schoorsteen kom, maar ik vind dat niet zwart genoeg en dus verf ik me wat bij. Nu ben je waarschijnlijk heel kwaad?’. Dan valt een hele lange stilte bij de Sint, tot hij zegt: ‘Nee, dat is allemaal niet belangrijk.’ Het koloniale verleden is dus gewoon achterwege gelaten. De polemiek die er de laatste jaren over gevoerd wordt, gaat ver. Het is terecht dat er bij stilgestaan wordt, en dat er vragen worden gesteld. Maar heb alstublieft ook een beetje respect voor de kinderen. De kleur van Zwarte Piet is een thema van volwassenen. Kleuters en jonge kinderen staan daar niet bij stil en maken daar ook geen probleem van.”


Gerelateerde events

4 viert 20 (3-9j.)

4HOOG

| Cc Strombeek
Kinderen Educatie Familie Podium Seizoen 2017-2018
4Hoog is jarig! 4Hoog trakteert! Niet met taart maar met drie voorstellingen en een dag vol plezier op hoog niveau. Dit alles wordt overgoten met een sausje van prikkelende, kleurrijke en feestelijke activiteiten. We eindigen met een koninklijk feest vol muziek, hapjes en drankjes.
Tickets