De daklozenpopulatie groeit en Theater Antigone poetst ‘Nachtasiel’ op, een stuk van Maxim Gorki over outcasts, verschoppelingen en asocialen. Ze gebruiken de tekst als kader voor een onderzoek naar armoede. “We larderen het stuk met materiaal dat uit het leven gegrepen is”, vertelt regisseur Raven Ruëll. We spreken hem en dramaturg Tom Dupont tijdens het productieproces in het hoofdkwartier van Antigone in Kortrijk, enkele weken voor de première. Acteurs lopen af en aan, er is koffie en het weer is wisselvallig.


Blijven jullie trouw aan de oorspronkelijke tekst?

Tom: “Wij zijn trouw aan niemand.”

Raven: “De situatie is behouden: een soort wachtzaal, een opvangtehuis met de straat ervoor. Het leek ons essentieel om het stuk aan het vullen met andere bronnen, bronnen van nu: getuigenissen, docu’s. We wilden ons niet verstoppen achter een repertoirestuk en dan zeggen: ja, maar het gaat over vandaag.”


De oorspronkelijke tekst speelt zich af in een opvangkelder in het Rusland van 1902. Toch voel je, na 115 jaar, de gelijkenissen met een grootstad van nu.

Raven: “Gorki was degene die een stem gaf aan de mensen die tot dan op het theater nooit een stem kregen. Tot dan kwamen vooral de hogere klassen op scène, portretten van de bourgeoisie. Gorki toonde een ander Rusland, het Rusland van mensen die niks hebben, van mensen die enkel van diefstal kunnen overleven, mensen die aan lagerwal zijn geraakt. Dat heeft toen in behoorlijk wat theaters – zowel in Rusland als Europa – voor controverse gezorgd. Het geven van een stem aan mensen die vaak geen stem krijgen, vinden wij belangrijk. Het is een stuk dat over armoede gaat en dat is een thema waar we al vanaf dag één mee bezig zijn.”


Over enkele weken vindt de première plaats. Hoe ziet een repetitiedag eruit, hoe is de sfeer?

Tom: “Armoedig.” (gelach)

Raven: “De energie zit goed. In deze fase geven we de acteurs tijd om een passage voor te bereiden. Dus alle acteurs, ze zijn met veertien, een grote bende, weten nu dat ze binnen een uur iets moeten presenteren.”

Tom: “Dit komt voort vanuit een verlangen van de acteurs om ons te tonen wat ze belangrijk vinden en wat verband houdt met het thema. Het zijn een soort van testcases: is het interessant? Voegt het iets toe aan Gorki? We onderzoeken hoe breed we kunnen gaan.”

Raven: “Het idee is dat er al sinds een paar jaar – dat is natuurlijk niet van de ene op de andere dag gebeurd – een mentaliteitswissel leeft die ik alarmerend vind. Waar de maatschappij er vroeger was om voor de kwetsbaarsten te zorgen, is ze steeds meer aan het evolueren naar iets dat tegen hen is.”

Raven: "Het romantische beeld van de vijftigjarige bedelaar met een gitaar is aan het uitsterven. Je ziet steeds meer jonge mensen, steeds meer vrouwen, steeds meer vluchtelingen, steeds meer families"

Wat is er dan juist veranderd?

Raven: “Politieke partijen zijn al jaren bezig met het afschieten van wat ooit de verzorgingsstaat heette: afknabbelen op onderwijs, op zorg, bijstand. Alle dingen die niet meteen geld opleveren. Alles wat in het teken staat van het humane, het menselijke. Een concreet voorbeeld: er zijn veel partijen die streven naar het model van flexiwerk, terwijl dat eigenlijk neerkomt op het dwingen van jonge mensen tot het aannemen van werk dat onmenselijk is en hen in hun waardigheid aantast. Dat is een van de onderwerpen die ons op dit moment bezighouden. Je kan geen stuk over armoede maken zonder het thema ‘werk’ te bespreken. Het romantische beeld van de vijftigjarige bedelaar met een gitaar is aan het uitsterven. Je ziet steeds meer jonge mensen, steeds meer vrouwen, steeds meer vluchtelingen, steeds meer families.”


Zijn jullie zelf op zoek gegaan naar getuigenissen?

Raven: “Onze acteurs spreken met mensen op straat. Ik woon zelf in Brussel en passeer elke dag het Maximiliaanpark. Je ziet het aantal mensen dat daar slaapt groter worden: het is een realiteit die je niet meer uit de weg kan gaan.Bij elke bankautomaat ligt er iemand te bedelen of houdt er iemand de deur voor je open die hoopt dat je een euro in zijn bekertje zult laten vallen.”

Tom: “Ik ben zelf vrijwilliger in de nachtopvang in Gent en hoor mensen soms zeggen: iedereen kan daar terecht komen”

Maar je wil het vanuit het standpunt van die mensen zelf te vertellen? En niet vanuit het standpunt van de voorbijganger?

Raven: “Dat willen we proberen, ja. Je krijgt weinig sociale achtergrond.”

Tom: “In het stuk van Gorki merk je dat hij die mensen portretteert, maar weinig maatschappelijke context geeft: je krijgt een paar flarden, maar je komt weinig te weten over de wereld zoals hij op dat moment was. Ik vond het, toen ik het de eerste keer las, vooral een existentieel stuk en had het gevoel dat hij levensvragen legde in de monden van daklozen. Wij proberen dakloosheid in een groter kader te plaatsen. Er is een rechtstreeks verband tussen politieke keuzes en het feit dat mensen op straat terecht komen. Het klimaat waar Raven het over heeft is er een van individuele verantwoordelijkheid waarop iedereen gewezen wordt. Het is het nieuwe geloof…”

Raven: “Als je het maakt heb je dat aan jezelf te danken, als je het niet maakt heb je dat ook aan jezelf te danken.”

Tom: Ik ben zelf vrijwilliger in de nachtopvang in Gent en hoor mensen soms zeggen: iedereen kan daar terecht komen. Dat is waar, maar er is wel een hele populatie mensen die veel meer kans heeft om daar terecht te komen. Mensen die kansen kregen hebben veel minder kans om op straat te belanden. Waar je wieg staat, draag je mee voor de rest van je leven. Dat verhaal wordt tegenwoordig nog weinig verteld. Wij willen terug op zoek gaan naar de kiem van de dakloosheid en de armoede.”


In de aankondiging van Nachtasiel schrijven jullie: “Nachtasiel wordt een sociale studie van een wereld waar we al te vaak de rug naar keren. Een noodzakelijke oefening in empathie.” Is empathie een aanzet tot een oplossing?

Raven: “Empathie is zeker nodig. Ik bedoel: het stuk moet zeker een aanklacht zijn tegen de groeiende onverschilligheid. Wat daar echter gevaarlijk aan is, is het dubbele discours dat de politiek voert: we knippen in sociale middelen en tegelijkertijd roepen we op tot meer warmte en meer solidariteit. Het is als een bestuur dat mee verantwoordelijk is voor het platbombarderen van een stad en daarna oproept tot liefdadigheid. Terwijl wat er moet gebeuren natuurlijk een systeemverandering is en dat er niet gebombardeerd had moeten worden in the first place.”


Is de stad al platgebombardeerd of staat er nog iets recht?

Raven: “We zijn ons wel bewust dat we in België in een verzorgingsstaat wonen. Maar als je merkt dat er veertienjarigen in het stadsbeeld verschijnen… Gezinnen, jonge mensen,… hoe zou dat komen? Die raken die arbeidsmarkt – ik heb een hekel aan het woord markt – niet op. Het is niet te verwonderen dat er steeds meer jongeren met psychische problemen kampen. Dat is door de druk: steeds meer mensen vallen uit de boot. Ik ben tegen die vooruitgangstrein.”


Het stuk speelt zich af in een kelder. Willen jullie dat opgesloten gevoel behouden?

Raven: “Niet per se. We kiezen voor half opvang, half straat. Dat huis clos-gegeven gebruiken we niet echt, het speelt zich voor ons af in een meer urbane context. Maar natuurlijk… de acteurs die mensen op straat gaan opzoeken weten waar ze hen kunnen vinden. Andriana zit elke dag daar, als je René wilt zien moet je om acht uur aan het station zijn, voor iemand anders moet je in die quartier zijn,… die mensen zitten daarin ook opgesloten. Het is een andere vorm van opgesloten zijn: in een eigen wereld. Velen ontvluchten de opvang omwille van geweld, omdat ze de anderen niet tegen willen komen, omdat ze hun hond niet op straat willen achterlaten, omdat ze hun spullen niet buiten willen laten staan. Niet in elke opvang mag je met een gigantische kar en zeven rugzakken binnen.”


Maxim Gorki schreef Nachtasiel in 1902, drie jaar voor de Revolutie. Is dat iets waar jullie ook op hopen, een revolutie?

Tom: “Jongeren zoals jij moeten het doen hè, ik ben 40. Als je belt, kom ik af.”


Zo veel druk. Ik werk er aan.