Wat vandaag waar is, kan morgen weer ontkracht worden en niet enkel omdat er tegenwoordig vrolijk met het “fake news” label wordt rondgestrooid. Gekende uitgangspunten worden omgekeerd en door steeds andere brillen bekeken. Kennis wordt meer gelaagd en complexer. En dus ook uitdagender, want hoe breng je die verschillende en soms tegenstrijdige invalshoeken in kaart? Een vraag die Christoph Fink al enkele decennia bezighoudt, zowel voor zijn eigen microgeschiedenissen als voor de weergave van steden, continenten en zelfs oceanen. Dit seizoen pakt hij voor Cc Strombeek het Europese continent onder handen.

Voor Europaria heb je het op Europa gemunt. Het werk ontstond naar aanleiding van de EUtopia-tentoonstelling in het voorjaar 2017 in Strombeek, maar is geen gewone kaart van Europa.

Fink: “Ik wou Europa omschrijven vanuit een ander cartografisch standpunt: niet zozeer geografisch maar vertrekkende van de mensheid in het algemeen met alle verhalen die Europa voorafgingen en er parallel mee ontstonden. De verticale tijdlijn, die begint bij het ontstaan van de aarde, springt meteen naar -10,000: een moment waarop de mens al behoorlijk sedentair leefde. De tijdslijn eindigt in het heden, het nu. De horizontale as is ruimtelijk ingedeeld : geografisch 360° rondom Brussel. De tentoonstelling bevindt zich namelijk in Brussel/Strombeek en op die manier kan je je vanuit je positie als kijker oriënteren tegenover de rest van Europa. Binnen dat veld van ruimte en tijd probeer ik allerlei maatschappelijke constructies van over de hele wereld uit te tekenen: regeringsvormen, filosofische stromingen, mythologische verhalen, onderlinge beïnvloeding van culturen enzovoort. En dat in wereldrijken als India, China of Mesopotamië. De kaart toont hoe mensen zich over de wereld verspreid hebben en elkaar in de grootste diversiteit telkens weer tegen het lijf lopen. Tegelijk geeft deze representatie van Europa ons een mogelijke andere invalshoek op het beeld dat we als Europeanen van onszelf hebben.”

“Ik wou Europa omschrijven vanuit een ander cartografisch standpunt: niet zozeer geografisch maar vertrekkende van de mensheid in het algemeen met alle verhalen die Europa voorafgingen en er parallel mee ontstonden”

Zulke alternatieve kaarten komen wel vaker terug in je werk.

Fink: “Voor een tentoonstelling over de geschiedenis van de aarde in 2013, wou ik iets doen met aarde als materiaal en kwam in contact met de keramist Hugo Meert. De vorm die ik in gedachte had, was een weergave van de aarde waar tijd en ruimte bijeen zitten. Zo kwam ik tot een reeks keramische schijven. Dit zijn ‘geldige’ kaarten van de aarde, omdat ik altijd uitga van de wetenschappelijke kennis die op dat moment voorhanden is, maar ze wijken af van de gekende bolvormige representatie. De tijdstelling begint aan de buitenrand en eindigt op de binnenrand (het nu of het einde van de bestudeerde periode). De toekomst, de potentiële tijd is het midden, het gat. De tijd vloeit als het ware uit die open bron van de potentiële tijd en krijgt vorm op de schaal.

Na studies voor de geschiedenis van de aarde, ben ik de schijven ook beginnen gebruiken voor kleinere verhalen zoals stadsgeschiedenissen of mijn eigen reizen. De schijven zijn soms geografisch georiënteerd met in het midden de plek waar ze voor het eerst getoond worden. De schijf met de geschiedenis van Istanbul had ik bijvoorbeeld gemaakt voor de biënnale van Istanbul. Alles op de schijf is geografisch georiënteerd vanuit het depot waar de schijf werd tentoongesteld. In een oogopslag krijg je 2665 jaar geschiedenis te zien met alle verschuivingen van macht, alle aardbevingen en alle in- en uitvallen van legers van dien. Ik probeer en hoop met mijn werk complexe situaties op een heldere manier vorm te geven, zonder die complexiteit te verliezen.

“Na studies voor de geschiedenis van de aarde, ben ik de schijven ook beginnen gebruiken voor kleinere verhalen zoals stadsgeschiedenissen of mijn eigen reizen”

Ik ben veel bezig met die omdraaiingen en perspectiefverschuivingen. Ik werk momenteel bijvoorbeeld aan de omkering van de Stille Oceaan voor het station van Aalst. Het wordt een enorme tegelwand van vijftig meter lang. De oceaan wordt afgebeeld vanuit het standpunt van Aalst. Je zal de hele kustlijn van Antarctica, allerlei breedtegraad lijnen, een paar meridianen en de evenaar kunnen zien. Het is eigenlijk een sterk uitgerekt segment van een wereldbol. Er zullen ook beelden van Aalst zelf in vervat zitten, net als alle spoorlijnen die het station kruisen en de trans-Siberische Express.”

Door Europa te benaderen vanuit het perspectief van de mensheid, geef je de geschiedenis van het continent op verschillende manieren weer. Wat probeer je allemaal mee te nemen?

Fink: “Een van mijn stokpaardjes is het bevragen van dat enorme complexe monster van de moderniteit. De moderniteit is in Europaria afgebeeld als een enorme kaascilinder, die de laatste 500 jaar beslaat. Deze gladde kaasvorm is als het heiligmakend beeld van de moderniteit, die ons als een feilloze massa en in alle stilte wordt opgedrongen. Ook al zijn de nevenwerkingen in alle geledingen van de maatschappij voelbaar. De bovenkant van die vorm, het flinterdunne ‘nu’, voer ik op als het plateau van de techno euforia: het tijdperk waarin technologie als een heilige graal naar voor geschoven wordt, en dat als ultiem moment in de geschiedenis van de mensheid geldt.

“Ik werk momenteel bijvoorbeeld aan de omkering van de Stille Oceaan voor het station van Aalst. Het wordt een enorme tegelwand van vijftig meter lang”

Het vraagstuk van de moderniteit is een machtig onderwerp. Het verklaart zoveel over wie we vandaag zijn en waar we mee bezig zijn. Inzicht in de moderniteit opent mogelijkheden om anders te kunnen denken. Ik ben nu bijvoorbeeld Caliban and the witch van Silvia Federici aan het lezen: een van die boeken die onze verouderde westerse blik op onze eigen geschiedenis en die van de rest de wereld omgooit. Naast de algemene gruwel van het prille kapitalisme, toont het aan dat de vrouw het grootste slachtoffer van de moderniteit was en nog steeds is. Sinds de moderniteit is zij gedegradeerd tot onbetaalde werkkracht en voorgesteld als een zwak figuur. Het is een verdoken fundament van onze economisch structuur. Het boek toont ook de kracht van de vrouw doorheen de eeuwen en de continue sociale strijd waarin ze steeds een hoofdrol speelde.

Mijn project wil al die samenhangen aanschouwelijk maken. Net zoals voor veel andere kunstenaars, draait mijn werk uiteindelijk altijd rond het concept van de realiteit. De radicale kijk op het realiteitsprincipe van cybernetici als Heinz Von Foerster interesseert mij hierbij. Zij gaan ervan uit dat de realiteit niet bestaat en hebben daar een hele hoop ongelooflijke argumenten voor. Volgens hen is onze enige zekerheid de waarneming. Verder communiceren we met elkaar en slagen we erin dingen te ontwikkelen: van werktuigen over sociale gedragscodes tot maatschappelijke constructies. Deze visie garandeert een open en verwonderde blik op de wereld.”

Met je Movements maak je weergaven van je persoonlijke reizen. Met Europaria ga je veel breder. Hoe verhouden beiden zich tegenover elkaar?

Fink: “Voor mij is het belangrijk dat ik verder ga met het documenteren van die persoonlijke ervaringen: vluchten, fietsreizen, wandelingen, tochten door steden. Ik ga uit van mijn eigen ervaring als tapijt, als voedingsbodem: het begint met die directe eerste waarneming. Vanuit die microwereld kan ik in zekere zin vat krijgen op de grotere context. Ik probeer tijdens die reizen alles op te schrijven: het naderende onweer, symptomen van vermoeidheid, hoe ik een kat probeer te redden uit een boom, de complexiteit van de trillingen in het vliegtuig, het veranderende landschap... Door het noteren verweef of wentel ik me in dat landschap waar alles samenkomt in dat continu voortstuwende nu: verleden, heden en toekomst. Mijn bewegingen kruisen al die andere bewegingen en verhalen.

In Europaria zit geen persoonlijke tocht, al komt die manier van werken wel een beetje terug in de tweede tekening: een cirkelvormige kaart met de vliegtuigbewegingen. Dat is een observatie van een aantal vliegtuigen. Het eerste vliegtuig heb ik zien overvliegen. Ik heb het op Flightradar opgezocht en vier andere willekeurige vliegtuigen uitgekozen. Alle vijf vliegtuigen heb ik gedurende een periode gevolgd en hun vluchten en haltes nauwgezet genoteerd. Ik gebruik dat volgen van die vliegtuigen trouwens ook als horloge. Als ik een bepaald vliegtuig zie overvliegen richting Abu Dabi, dan weet ik dat wanneer het toestel drie uur later ter hoogte van Istanbul passeert, ik een aantal dingen zal kunnen klaren: een fietstocht, de afwas, stofzuigen en de katten eten geven of een kleine tekstcorrectie. Dat amuseert me.”